Selecteer een pagina

BEP bij handelsbedrijf

Een »handelsbedrijf (zoals een supermarkt) wil graag weten bij welke omzet de kosten gelijk zijn aan de opbrengsten. Daarom berekenen ze het break-even punt. Maar als er veel verschillende producten verkocht worden, is het berekenen van een break-even punt per product(soort) erg veel werk. Daarom berekenen ze een soort gemiddelde BEP. Voor een handelsonderneming is dat ook genoeg. Liever ziet de onderneming bij welke omzet er break-even wordt gedraaid.

Voorbeeld

Van een handelsonderneming zijn de volgende gegevens bekend:

  • Constante kosten € 90.000
  • Inkoopwaarde van de omzet (IWO) 60%
  • Variabele kosten in procenten van de omzet 10%
  • De werkelijke omzet wordt geschat op € 375.000

Gevraagd:
a). Bereken het bijdragepercentage
b). Bereken de break even omzet
c). Toon door middel van een berekening dat bij het antwoord van vraag a dat de kosten gelijk zijn aan de opbrengsten.
d). Hoe groot is de veiligheidsmarge?

Uitwerking:
a).
Als de »IWO 60% is, is de BW 100% – 60% = 40%
Het bijdragepercentage is: (BW% – v%) = 40% – 10% = 30%

b).
BEO = ( Constante kosten / bijdragepercentage ) x 100

BEO = € 90.000 / 30% ) x 100 = € 300.000

c).

Omzet€ 300.000
Inkoopwaarde van de Omzet 60% – € 180.000
Brutowinst 40% van de Omzet€ 120.000
Variabele kosten 10% van € 300.000– € 30.000
Dekkingsbijdrage€ 90.000
Constante kosten– € 90.000
Winst (resultaat)€ 0

d). Veiligheidsmarge in euro’s
Omdat hier sprake is van break even omzet, ga je uit van bedragen en niet van stuks. De formule voor de veiligheidsmarge in procenten is:

Veiligheidsmarge = ( (werkelijke omzet – BEO) / werkelijke omzet ) x 100%

Veiligheidsmarge = ( ( € 375.000 – € 300.000 ) / € 300.000 ) x 100% = 25%

Zelfs wanneer de werkelijke omzet € 75.000 (25%) lager zou blijken dan verwacht speelt de ondernemer toch nog break even.